Online disability March voor Women's March NL

Het thema voor de Feminists against ableism blok op de Women’s March en de Online Disability March is mensenrechten. We willen vooral aandacht brengen aan het VN-verdrag handicap. Misschien wist je al, misschien nog niet maar eind vorig jaar is de schaduwrapportage VN-verdrag handicap door de alliantie VN-verdrag handicap gepresenteerd en de conclusie is dat de positie van mensen met een beperking erop achteruit is gegaan. Laten we er even over praten.

 

Mensenrechten en het VN-verdrag

De rechten van de mens of mensenrechten omvatten rechten waarop iedereen aanspraak kan maken, ongeacht herkomst, nationaliteit, overtuiging, geslacht, wettelijke status of andere kenmerken. Voor het beschermen van deze mensenrechten hebben wij hier in Nederland het College voor de Rechten van de Mens. In praktijk blijkt echter dat er veel moeite is om er voor te zorgen dat de rechten van gehandicapten gewaarborgd worden. En zo werd de VN-verdrag handicap geboren.

Om de rechten in dat verdrag te beschermen had de overheid hier meer mee moeten doen maar er was te vrijblijvend over gedacht. En doordat de decentralisatie van overheid naar gemeenten plaatsvond was er ook onduidelijkheid ontstaan over wat gedaan moest worden. De schaduw rapportage geeft dus aan dat onze positie niet versterkt is maar slechter is geworden. Ieder(in) heeft hier de schaduwrapportage voor wie het helemaal wil lezen.

Wat is het doel van het schaduwrapportage?

De Nederlandse overheid draagt de verantwoordelijkheid voor beiden de uitvoering van het verdrag en de verplichting

om de stand van zaken te rapporteren aan het VN-comité in Genève. In 2018 gebeurde dit met een nulmeting, wat echter geen kijk biedt in de persoonlijke ervaring en belevingen van mensen met beperkingen. Dat doet de rapportage wel. 

“In deze rapportage staan de dagelijkse praktijk en ervaringen van mensen met een beperking centraal, ondersteund door cijfers over participatie en uitsluiting. De Alliantie biedt dit in 2020 aan bij het VN-comité. De VN beoordeelt hoe het gesteld is met de implementatie van het VN-verdrag Handicap in Nederland. Zij doet dit aan de hand van dit rapport, het eerder verschenen rapport van het College voor de Rechten van de Mens en de nulmeting van de Nederlandse overheid.” – quote uit de schaduwrapportage. 

Het werd al snel duidelijk dat de bevindingen schrijnender zijn dan verwacht en mensen een opstapeling van problemen ervaarde. Participatie in de samenleving is moeilijk als je niet alleen door veel hoepels moet springen om mee te mogen doen maar er dan vervolgens achter komt dat die samenleving niet toegankelijk is.

Doordat de informatie veel is zullen we in Thema’s enkel enkele van de bevindingen bespreken. Meeste informatie komt direct uit de schaduwrapportage. 

De problemen met de decentralisatie

Er is een consistente mede-oorzaak voor de achteruitgang van mensenrechten voor mensen met een beperking. Het moment dat overheidstaken veranderde in gemeentelijke taken en de bezuinigingen die daarmee gepaard gingen. 

De overheid is te vrijblijvend geweest en heeft steken laten vallen in de taakoverdracht en de begeleiding die ze hadden moeten geven waardoor onduidelijkheid ontstond. Door de gebrek aan richting aan de invulling van het verdrag en de bezuinigingen worden mensenrechten voor mensen met beperkingen steeds meer gezien als gunsten. Mensen met een beperking worden systematisch ook niet betrokken bij wetgeving en beleid.

De decentralisatie van langdurige zorg ging gepaard met een bezuiniging van 12,5%. Aanvragen van hulp is onnodig complex. Het wordt er ook niet makkelijker op om pgb te vragen en zelf controle te hebben over jouw zorg. 

Hoe kunnen we ons voortbewegen in de maatschappij?

Oké, eerst moeten we naar buiten komen. De kwaliteit en keuzevrijheid voor hulpmiddelen is beperkt. Reparaties aan belangrijke hulpmiddelen kan weken duren.

Om voor te bewegen in de maatschappij moeten we van A naar B kunnen. Dan moeten we wel de stoep kunnen gebruiken! Mensen met mobiliteits- en zintuiglijke beperkingen ervaren dat de ontoegankelijkheid van gebouwen en openbare ruimte en de onveiligheid door obstakels op trottoirs en ‘shared spaces’ in steden, het lastig maken om deel te nemen in het culturele leven, recreatie en vrijetijdsbesteding.

Bij het ov is ook nog veel mis. Instaphoogtes kloppen niet, hulp bij stations is nog te beperkt en buschauffeurs rijden mensen in een rolstoel voorbij. Mensen met een beperking voelen zich 

belemmerd in hun vrijheid van verplaatsing door de grote verschillen in voorzieningen onder de gemeenten.

Taxi dan. Taxi dan? Er zijn veel problemen met rolstoel taxis, de combi-ritten leiden tot veel laatheid overal. Maar klagen is niet makkelijk. En in minder dichtbevolkte delen van Neder-

land vervangen gemeenten en provinciebesturen openbaar vervoers bussen, door bussen die door vrijwilligers worden bestuurd. De vrijwilligers in deze bussen mogen geen mensen in een rolstoel vervoeren. Rolstoel gebruikers worden zo gedwongen gebruik te maken van speciale taxi’s waarvoor een maximum budget aan te reizen kilometers geldt.

Even langs bij vrienden? Voor woningen en appartementen gelden, buiten de gemeenschappelijke ruimten om, geen toegankelijkheidseisen anders dan dat de drempel voor een ingang niet hoger dan 20 millimeter mag zijn. Regelgeving rondom toegankelijkheid blijft afgezwakt worden en de regering wees in 2019 zelfs het introduceren van toegankelijkheidseisen af. 

Buitenshuis wat doen dan. Culturele podia zijn vaak niet toegankelijk en regelgeving en vergunningen van gemeenten lijken hier geen rekening mee te houden. Ook zijn bioscopen, theaters en openlucht muziekfestivals lang niet altijd (rolstoel) toegankelijk. Het enige theatergezelschap dat theater in gebarentaal aanbood, stopte in 2015 door gebrek aan subsidie. 

Oké, wil je zo graag dat we thuis blijven dan? Want zelfs thuis is ook het sociale aspect niet altijd makkelijk. Internet, tv, telefonie is niet toegankelijk voor alle mensen met een beperking. 

Zie je ons wel op jouw school of werkplek?

De werkloosheid nam toe voor mensen met een beperking en is meer dan de helft hoger dan bij mensen zonder een beperking. Van de volwassenen zonder beperkingen in Nederland heeft 72% betaalde baan. Met een fysieke beperking is dat maar 36%, voor mensen met psychosociale problemen 22%, voor mensen met een verstandelijke beperking  21% en voor volwassen mensen met autisme 45%. 

Slechts 27% van jongeren met een arbeids-handicap krijgt concreet ondersteuning van gemeenten. De arbeidsparticipatie van mensen met een gedeeltelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering is tussen 2008 en 2016 gedaald van 55,6% naar 43,9% en bij mensen met een volledige uitkering gedaald van 19% naar 8,4%.

Het percentage werkgevers dat bereid is werknemers met een beperking in dienst te 

nemen is maar rond de 5%!!!! Rond 11% van werkgevers denkt theoretisch een werkplek te kunnen creëren voor een werknemer met een arbeidsbeperking. De overheid zelf houdt zich ook niet aan de banenafspraak om als werkgever genoeg mensen met een beperking in dienst te nemen.

Onderwijs is minder inclusief ondanks dat het meer inclusief zou worden. Hulp op basisscholen neemt significant af terwijl bij speciaal onderwijs wachtlijsten ontstaan en de hoeveelheid kinderen die geen onderwijs ontvangen ook toeneemt. Er zijn steeds minder scholen die kinderen met beperkingen accepteren en zij die wel inclusief onderwijs bieden lopen tegen bezuinigingen aan. En wanneer speciaal onderwijs is afgerond is het vervolgens moeilijk een baan te krijgen.

Ziek zijn kost geld

Minder kunnen werken is minder geld. Ziek zijn brengt ook kosten met zich mee maar de financiële ondersteuning neemt af en armoede neemt toe onder mensen met beperkingen. Het groei tussen 2009 en 2016 van 19,5% naar 24,6%.

Het risico op armoede en sociale uitsluiting bij vrouwen met een beperking is in Nederland 

sinds 2012 toegenomen van 21,1% naar 24,9% in 2016. Van alle jonggehandicapten met een uitkering en betaald werk verdient slechts 29% het wettelijk minimumloon of meer. De rest heeft een lager inkomen.

Tussen 2008 en 2017 is de koopkrachtontwikkeling bij mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering gedaald met 0,9%, tegen een stijging van 5,2% onder de algemene bevolking en 15,4% onder werknemers.In 2000 was het gemiddelde inkomen van huishoudens van mensen met een handicap 67% van dat van huishoudens zonder.

De ernst van de handicap bepaalt de mate waarin huishoudens in ernstige armoede leven. 

In 2016 leefde 36,6% van de personen met een ernstige beperking in armoede, tegen 19,6% van de mensen met een matige handicap en 13,2% van Nederlanders zonder handicap.

Mensen met een beperking zien om financiële redenen zelfs af van samenwonen met een partner. De reden is dat samenwonen ertoe leidt dat inkomen van een partner meetelt voor de hoogte van eigen bijdragen voor zorg en ondersteuning. Het inkomen kan dan dalen tot het meer dan ruim onvoldoende is om in alles te kunnen voorzien. Een stel meldde dat gaan samenwonen daardoor zou leiden tot een gezamenlijke inkomensdaling van 800 euro per maand.In een meldactie in 2018 kwam naar voren dat het aantal alleenwonenden onder mensen met een beperking 2,5 maal zo hoog is (42%) als onder de Nederlandse bevolking als geheel (17%). En hetzelfde gebeurt ook als iemand voor hulp wil gaan inwonen bij familie. 

Nood of hulp nodig en dan?

Nederlandse gebarentaal is nog niet officieel erkend als taal. Dat brengt problemen mee in crisissituaties. Mensen die doof zijn ondervinden dat gebarentolk, schrijftolken of schrijf apparatuur niet standaard beschikbaar zijn bij overheidsloketten, rechtbanken of andere belangrijke publieke diensten en het verwacht wordt dat ze dit zelf regelen ONDANKS dat ze maar recht hebben op een vergoeding van 30 uur per jaar. Crisis diensten hebben tot nu toe ook nog GEEN tolk waardoor doven en slechthorenden potentieel gevaar missen. En al is 112 zeker beter bereikbaar, het is nog niet volledig bereikbaar. Mensen met een beperking ervaren ook problemen met situaties die om ontruiming vragen. Gelukkig is bij de app NL-alert wel geluisterd naar mensen met een beperking.

Vrouwen met een beperking zijn vaker getroffen door seksueel geweld wat de moeilijkheden om hulp te kunnen vragen alleen maar schrijnender maakt. Ruim 60% van vrouwen met een verstandelijke beperking zegt ooit slachtoffer geweest te zijn van (seksueel) geweld (waarvan 23% verkrachting) binnen een zorginstelling. Volgens stakeholders ontbreekt structurele aandacht op rijks- en gemeenteniveau voor sociale veiligheid van mensen met een beperking.

Handicap is nog niet in de grondwet als Verboden te discrimineren opgenomen. Overheidshandelen valt niet onder Wet gelijke behandeling voor gehandicapten en is niet aan te spreken op discriminerend handelen. De mogelijkheid om te klagen over discriminatie is überhaupt beperkt. De toegang tot geschillencommissies, rechters en ook de politie een stuk moeilijker voor mensen met een beperking of de familie van kinderen met beperkingen. 

Mensen die afhankelijk zijn van langdurige zorg ervaren meerdere knelpunten: hoge eigen 

bijdragen, onvoldoende ondersteuning bij het zoeken van zorg, te ingewikkelde bureaucratische aanvraagprocedures, te weinig deskundigheid en slagvaardigheid bij professionals en onvoldoende aansluiting tussen diverse wettelijke regelingen (Wet op de jeugdzorg, Wmo, Wlz). De verhoging van eigen bijdragen voor zorg leidt tot een afname van gebruik van zorg. De halvering van subsidies van belangenorganisaties zorgt dat belangrijke voorzieningen wegvallen die ons kunnen helpen.

Gaat het straks nog meer achteruit?

Mensen met beperkingen ervaren dat de overheid nieuwe wetten vooralsnog niet aan het VN-verdrag toetsen. En de verplichtingen worden niet omgezet in daden en duidelijke doelen. Ze kijken niet naar de beperkingen die voor ons bestaan, niet als persoon, maar in de maatschappij. Universal design wordt nog steeds niet toegepast bij het bouwen van nieuwe gebouwen. Ontoegankelijkheid groeit. En zolang stereotype en stigma iets is dat de overheid zelf ook in stand houd, blijft dat een groot probleem. 

Van mars naar mensenrechten

De eerste mars was een groot success voor ons maar na de mars was er vooral veel stilte voor onze issues en problemen. Straks hebben we weer een mars achter de rug maar wat dan? Veranderen wij weer in een moment opname voor sommigen van jullie waarin je ons eenmalig ziet of neem je ons op in jouw activisme? Zodat wij niet langer de vergeten intersectie van jouw feminisme zijn? Als deze schaduwrapportage ons iets verteld is dat wij meer dan ooit jouw stem nodig hebben. Steun ons.

Onze dank gaat uit naar de Women’s March NL die ons voor de tweede jaar steunt onder andere met een podium en het doorgeven van de microfoon.